Examenkoorts

Maandag 22 mei
De week begint goed. Langzaam schuif ik in de file richting Den Haag. Gelukkig heb ik pas om tien uur mijn eerste afspraak. Op school begeleid ik studenten bij het afstuderen. Als ze slagen hebben ze hun HBO-opleiding afgerond in Vormgeving en Interaction. Ik vervul de rol van examinator en begeleidende docent. Nu gaan we de eerste opzet voor het afstudeerrapport bespreken.

school-01Dankzij de opstuwing van auto’s voor het gedeelte waar de A4 van driebaans naar twee banen versmalt heb ik alle tijd om rustig na te denken. Ik moet aan Myrthe (dochter van Tonnie) denken, die nu zit te zwoegen op haar Havo eindexamen geschiedenis. Drie uur lang vragen beantwoorden over de stof, die ze de afgelopen weken in alle eenzaamheid op haar kamertje heeft zitten bestuderen. Soms stond ze in een klap voor onze neus. “Pap, wat is communisme?” viel ze midden in een gesprek er tussen. “En wat is dan het verschil tussen communisme en socialisme?” Het is duidelijk dat ze de Volkskrant niet kent, laat staan dat ze überhaupt een krant leest. Veel liever gaat ze shoppen, of naar het strand.
De examentijd hangt in de lucht. Ook Stijn (zoon van Tonnie) heeft vorige week onafgebroken achter zijn computer gezeten. Hij studeert aan de Heao en moest de laatste hand leggen aan zijn afstudeerscriptie. Twee dagen voor het inlevermoment gunde hij ons voor het eerst een blik op zijn werk. Een email met een attachement kwam mijn kant op, met de vraag: “Willen jullie effe kijken of het wat is?” Uit de printer kwam een dik pak papier rollen, waar ik geen chocolade van kon maken. Alarmfase 1 trad in werking. “Mag ik ook je officiële opdracht lezen?” mailde ik terug. Die avond is alles aan de kant geschoven, om hem zo goed mogelijk te begeleiden. Er moet meer structuur in het verhaal komen. Mijn docenten pennetje kwam me goed van pas.
De reis terug verloopt veel sneller. Het is tien over twaalf. Myrthe moet nu klaar zijn. “En, hoe is het gegaan?” vraag ik haar door de telefoon. “Ik vond het heel makkelijk, maar ik ben nu de antwoorden aan het nakijken op internet.” Ze ratelt door, ze moet duidelijk haar hart even luchten. Ze is al aan het rekenen geslagen. Ze denkt toch zeker te weten dat ze meer dan de helft goed heeft. Ik hoop het voor haar. En eigenlijk hoop ik op meer. Want de helft goed, is niet goed genoeg. Het is geen lineair rekenspel. Op internet kan je direct de behaalde punten laten vertalen naar een cijfer. Het wordt kantje boord. Naar welke kant zal het vallen? “Maar ik heb streng gerekend, het valt vast hoger uit,” praat ze zich zelf moed in. Ik probeer haar ook een hart onder de riem te steken. Er valt niets meer aan te veranderen. Haar lot ligt nu in de handen van de examinatoren.
Ik bekijk de antwoorden op internet. Het is pittige stof. Om dit goed te maken heb je inzicht nodig. Het is niet domweg feiten uit je hoofd leren. Had ze nu maar vaker naar het nieuws gekeken, of een krant gelezen in plaatst van haar wijsheden te halen uit Bassie en Adriaan en de grote hoeveelheid speelfilms die ze verslindt.
Soms houd ik mijn hart vast.

Dit bericht is geplaatst in Uit het gewone leven, Weeklog Volkskrant 2006 met de tags , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Examenkoorts

  1. Ramirezi schreef:

    Avatar van Ramirezi
    Lees de Volkskrant en je zakt nergens meer voor ? 😀

Reacties zijn gesloten.